maandag 11 januari 2010

Deel 2: Je vindt de balzaal

Het Bal van 20/08/1861 vond, zoals we kunnen zien op deze prachtige staalgravure uit de Collectie Frans Lauwers, plaats in de Antwerpse Variétés Schouwburg. De gravure verscheen in het weekblad London News, in de editie van 30/08/1861. De huidige tijdschriftredacties doen dat vandaag niet sneller met hun digitale foto’s. Naast de Britse belangstelling zijn ook ooggetuigenverslagen uit Nederland en Frankrijk bekend die het jaar volgende op de kunstfeesten verschenen. De internationale belangstelling voor de feesten en voor dit bal in het bijzonder, is uiteraard zeer uitzonderlijk te noemen. Maar wat weten we nog over de Variétéschouwburg? Deze werd gebouwd aan het Mechelse Plein in 1829 als vervangschouwburg voor de toen pas gesloopte Opera in het Tapissierspand. Men begon tegelijkertijd met de bouw van de Bourla Schouwburg die pas in 1835 haar deuren opende en dus had men voor de overbrugging een tijdelijk theater voorzien. Dat dit tijdelijke theater mettertijd uitgroeide tot een heus instituut, was oorspronkelijk zeker niet de bedoeling. Maar het ondernemerschap van Dhr. Hagelsteen bleek resistenter dan de kwaliteit van het bouwsel zelf en uiteindelijk zou de schouwburg open blijven tot aan haar sloop in 1898. Het fijne aan de Variétés Schouwburg is, dat er relatief veel gegevens over bewaard bleven. Het was immers een Publiek-Private samenwerking tussen de stad en een theaterondernemer. De stad betoelaagde de schouwburg en had dus ook iets te zeggen over de programmatie die er plaatsvond. Hierdoor bleven vele details over de uitbating, de veiligheid enz. in het Stadsarchief Antwerpen bewaard Zo vonden we in het archief een grondplan van het theater terug (met dank voor het beeldgebruik) waardoor we het bovenstaande tafereel ruimtelijk kunnen plaatsen. De Antwerpse Variétés Schouwburg blijkt een vrij klassiek hoefijzertheater à l’italienne te zijn, met een behoorlijke foyer, die zich, net zoals bij de Gentse Opera aan de straatkant bevond. Zo konden de heren en dames met rijtuigen afstappen onder de foyer en via een binnentrap ongestoord de weelderige theaterknusheid binnenglippen. Wat op dit grondplan echter opvalt is dat de scène van het theater op hetzelfde niveau doorloopt in een hele reeks van zalen die er achter lagen. Zoals ook op de gravure vrij goed te zien is overigens. Dat deze voorziening als enig doel had om, naast theateropvoeringen ook grote feesten te kunnen organiseren zoals dat van 20/08/1861, hoeft geen betoog. Vrijwel elk 19de-eeuws theater beschikte over een balzaal waarbij men de parterre van het theater met schragen overwelfde en dicht legde met een balvloer. Doorgaans werd deze gelijk gelegd met de scène die dan eveneens als balvloer werd gebezigd. In dit geval liep het geheel door in nog achterliggende ruimtes wat voor de eerste helft van de 19de eeuw als vernieuwend kan worden bestempeld. Noch in Londen, noch in Wenen, noch in Parijs die andere steden met een drukke balcultuur rond dezelfde periode, zijn ons gelijkaardige innovatieve theaterruimtes bekend voor dezelfde periode. Gelijkaardige grondplannen vinden we doorgaans pas terug na 1850. De Antwerpse variétéschouwburg was dus multifunctionele entertainmentruimte en daarmee een kind van haar tijd. We kunnen ons trouwens niet van de indruk ontdoen dat deze ruimte indeling tot inspiratie diende om later de Vlaamse Schouwburg aan de Kipdorpbrug te ontwerpen die in 1874 haar deuren opende. Let ook op de strategisch plaats die het orkest inneemt. Het torent meters hoog boven de dansers uit en stond opgesteld op een balustrade precies op de scheiding tussen de theaterruimte en de achterliggende concert/balzaal. Johan Strauss Jr. dirigeerde vaak vanop dezelfde eenzame hoogte, wat praktisch natuurlijk voor wat beslommeringen zorgde waarop we later dieper zullen ingaan.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen